Een gezonde mond, ook voor wie ouder wordt

Een gezonde mond, ook voor wie ouder wordt

Steeds meer mensen houden tot op hoge leeftijd hun eigen tanden en kiezen. De 65-plussers van nu dragen minder vaak een kunstgebit dan de 65-plussers van vroeger. Dat komt doordat de meweste mensen vanaf hun jeugd hun gebit goed verzorgden én regelmatig de tandarts of mondhygiënist bezochten. Daarbij speelt het fluoride in tandpasta een belangrijke rol. Goede mondverzorging en de (half)jaarlijkse gang naar de mondzorgpraktijk blijven echter belangrijk ook op latere leeftijd.

mondverzorging-whiteTanden gezond houden

Voor veel ouderen is mondzorg geen probleem. Voor een aantal (kwetsbare) ouderen kan het moeilijker worden of moeilijk zijn de tanden gezond te houden. De oorzaken daarvoor verschillen van persoon tot persoon. Vaak zijn een combinatie van ziekten en ouder worden reden dat de aandacht voor het gebit op de achtergrond raakt. Ook al was het gebit goed verzorgd, treden toch veranderingen op. Het kauwen kan langzamer en moeilijker gaan, waardoor voedsel langer in de mond blijft. Bij anderen veranderen -vaak door het gebruik van medicijnen- de samenstelling en de hoeveelheid van het speeksel. Weer anderen krijgen naarmate ze ouder worden te maken met een afname van de motoriek. Hierdoor kan het schoonmaken van het gebit een lastig karwei worden. Allemaal factoren die van invloed zijn op de mondgezondheid.

Eigen tanden gaan langer mee

Het is natuurlijk prachtig dat steeds meer mensen langer met hun eigen tanden doen. Maar het lichaam en dus ook de tanden hebben te lijden door het verouderingsproces. Tandbeen wordt in de loop van de jaren brosser en breekt makkelijker. Ook veranderen processen in het menselijk lichaam die van invloed kunnen zijn op de mondgezondheid. Bij ouderen gaan ontstekingsprocessen trager, waardoor problemen pas later worden bemerkt. Eerdere herstelde problemen in het gebit laten gedurende het leven wel hun sporen in het gebit en de mond na. Het gebit kan niet oneindig lang worden hersteld. Het tandmateriaal slijt en het tandmateriaal vertoont ‘materiaalmoeheid’. Vaak zijn in het gebit van ouderen reparaties uitgevoerd, zoals vullingen, kronen en bruggen, zenuwbehandelingen, gedeeltelijke kunstgebitten en steeds vaker implantaten. Ook missen er vaak tanden of kiezen. Het ouder wordende gebit in de ouder wordende mond kan een kwetsbare situatie opleveren. Een klein probleem kan, juist bij kwetsbare ouderen, grote gevolgen hebben.

Ontstoken tandvlees

Iedere keer als er iets wordt gegeten of gedronken, vormt zich een doorzichtig, zacht en kleverig laagje op de tanden en kiezen en het tandvlees: tandplak. Wie de tandplak langs de rand van het tandvlees en tussen de tanden en kiezen niet verwijdert, krijgt ontstoken tandvlees. Niet verwijderde plak kan hard worden en verkalken tot tandsteen. Aan tandsteen hecht zich weer gemakkelijk nieuwe plak. De tandvleesontsteking kan daardoor verergeren en zelfs het onderliggende kaakbot aantasten. Bloeden, rood en gezwollen tandvlees zijn de kenmerken van ontstoken tandvlees. Juist bij ouderen bij wie ontstekingsreacties wat langzamer verlopen, kan ontstoken tandvlees heftig pijnlijk zijn. Blijf niet lopen met bloedend tandvlees, maar bezoek de tandarts of mondhygiënist.

Wortelcariës

Op latere leeftijd kan het tandvlees zich wat terugtrekken, waardoor de tandwortel gedeeltelijk bloot komt te liggen. Net onder het glazuur van de kroon kunnen aan de tandwortel gaatjes ontstaan, de zogeheten wortelcariës. Tanden en kiezen zijn bedekt met een laagje glazuur, maar op de tandwortel ontbreekt dat beschermende glazuurlaagje. Tanden en kiezen zijn hier extra kwetsbaar voor gaatjes. Door het terugtrekkende tandvlees wordt de ruimte tussen tanden en kiezen bovendien groter. Juist daar hoopt tandplak zich gemakkelijk op. Tandplak veroorzaakt gaatjes, vooral op de blootliggende wortels van de tanden en kiezen. Goede reiniging is dus van belang. Dat moet zachtjes gebeuren, omdat door hard poetsen het materiaal van de wortel slijt en het tandvlees sneller terugtrekt.

Droge mond

Een droge mond wordt veroorzaakt door een tekort aan speeksel. De speekselklieren geven bijvoorbeeld te weinig speeksel af of werken helemaal niet meer. Veel medicijnen hebben een droge mond als bijwerking. Dat geldt in het bijzonder voor medicijnen tegen hoge bloeddruk, slaapmiddelen en antidepressiva. Ook ziekten en bestraling kunnen een droge mond veroorzaken. Daarnaast kan een droge mond optreden bij uitdroging door koorts of diarree. Speeksel maakt spreken, kauwen en slikken makkelijker en het heeft een reinigende werking op de tanden en kiezen en het mondslijmvlies. Speeksel beschermt ook het glazuur en het tandvlees tegen aantasting of ontsteking. Door onvoldoende speeksel vormt tandplak zich sneller dan normaal. Probeer voldoende (suikervrij) te drinken, bijvoorbeeld (mineraal)water of thee zonder suiker. Als de speekselklieren nog functioneren, kan de afgifte van speeksel gestimuleerd worden door voedsel te eten waar goed op moet worden gekauwd. Bijvoorbeeld wortels of suikervrije kauwgom. Verder wordt de afgifte van speeksel versterkt door het eten van licht zuur voedsel, zoals fruit of komkommer. Als de speekselklieren helemaal niet meer werken, is het niet mogelijk de speekselproductie te stimuleren. Als ze nog een beetje werken lukt dat vaak onvoldoende. Dan kunnen zogenoemde speekselvervangers mogelijk uitkomst bieden. Dit zijn speciale bevochtigingsvloeistoffen of -gels die een prettig mondgevoel kunnen geven. Goede voorbeelden zijn Biotène mondspoeling en Biotène OralBalance. Mensen met een droge mond kunnen ook eerder last krijgen van slechte adem. Als de oorzaak van een droge mond medicijngebruik is, kan de huisarts of specialist de soort medicijnen, de dosering of het tijdstip van toediening misschien aanpassen.

Slechte adem

Wie bijvoorbeeld knoflook, uien of kruiden heeft gegeten, alcohol heeft gedronken of heeft gerookt, kan een onaangename lucht uitademen. Die geur is van tijdelijke aard en kan worden voorkómen of gemaskeerd. Ouderen hebben vaker last van een slechte adem die wordt veroorzaakt door de bacteriën in de voedselresten op het achterste gedeelte van de tong. Die produceren zwavel en dat ruikt onaangenaam. Op ruwe tongen blijven makkelijker voedselresten achter dan op gladde tongen. Iemand met een ruwe tong heeft meer kans op tongbeslag en dus op een slechte adem (halitose). Ouderen hebben meer tongbeslag dan jongeren. Tongbeslag kan men verwijderen met een tongreiniger. Schraap twee keer per dag in ongeveer vijf keer de bacteriën en het slijm van de tong af, zo ver mogelijk achterop de tong. Soms moet men naast het tongreinigen de bacteriën die slechte adem veroorzaken, doden met gorgelmiddelen en/of een mondspray. Tongreinigers en sprays zijn zonder recept bij de apotheek verkrijgbaar. Overleg over het gebruik ervan met de tandarts of mondhygiënist.

Mondverzorging

Een goede mondhygiëne is erg belangrijk. En dat geldt natuurlijk voor iedereen: jong én oud! Uit onderzoek is gebleken dat een elektrische tandenborstel beter tandplak verwijdert dan een gewone handtandenborstel. De elektrische tandenborstel maakt de juiste poetsbewegingen. Daardoor kan iemand zich volledig concentreren op het goed plaatsen van de borstelkop. De borstelkop is bovendien klein. Hierdoor worden de moeilijk bereikbare plaatsen in de mond makkelijker bereikbaar. Elektrisch poetsen gaat gemakkelijk en is minder vermoeiend. Hierdoor nemen mensen waarschijnlijk meer tijd om te poetsen. Timers helpen daarbij. Ze geven na twee minuten een signaal. Met een elektrische tandenborstel wordt meestal langer gepoetst, waardoor het gebit ook schoner wordt. Wie met een verminderde motoriek te maken krijgt, kan met behulp van de elektrische borstel makkelijker zijn tanden poetsen. Wie vroeg aan het gebruik van een elektrische tandenborstel went, profiteert daar later van.

 

Tips voor wie (extra) zorg aan zijn gebit en tandvlees wil besteden:

  • Poets de tanden tweemaal per dag twee minuten met een zachte tandenborstel
  • Gebruik fluoridetandpasta
  • Gebruik een elektrische tandenborstel
  • Poets in een vaste volgorde
  • Poets niet te krachtig, een klein beetje druk is voldoende
  • Poets na het ontbijt en voor het slapen gaan
  • Eet of drink een uur voor het tandenpoetsen geen zure producten
  • Gebruik dagelijks flossdraad, stokers of ragers om de ruimten tussen de tanden en kiezen te reinigen
  • Eet zo min mogelijk suikerhoudend en zuur voedsel en in ieder geval niet vaker dan 7x per dag
  • Vraag de tandarts of mondhygiënist om een goede poetsinstructie. Het kan zijn dat er ook een uitgebreide gebitsreiniging nodig is door de tandarts of mondhygiënist
  • Bezoek tweemaal per jaar de tandarts of mondhygiënist

 

De meeste tandpasta’s hebben een scherpe mentholsmaak. Mensen met een droge mond prefereren vaak mentholvrije tandpasta. Lees meer over een gezonde mond op www.ivorenkruis.nl.

Reacties

Wij horen graag van u
Er zijn nog geen reacties Geef als eerste een reactie